[PHOTO REPORT]
[RACE CHART]
[KWALIFICATIE]
[PREVIEW]

 

 

 

   
         

 

Ze hadden er niet op gerekend, de talloze Spanjaarden op de tribunes in Barcelona. Na hun held vier seizoenen onafgebroken aan de top van de sport te hebben toegeschreeuwd, hadden ze zich erbij neergelegd dat Fernando Alonso dit jaar niet om de overwinningen kon strijden, maar in de kwalificatie verraste de tweevoudig wereldkampioen. Een luid gejuich steeg op op het moment dat hij aan het einde van Q3 met de snelste tijd over startfinish ging en uiteindelijk maar net naast de pole greep.

   
       
  De eerste maanden van 2008 waren zwaar geweest voor het team van Renault. Ze had Fernando Alonso gedurende de winter teruggewonnen, maar dat schepte tegelijkertijd verplichtingen. Ze wist dat ze vanaf nu weer de hoop van een complete natie op haar schouders droeg en bovendien een natie waar ze, afgezien van de vrijwel onafgebroken periode in de winter, gedurende het jaar twee Grands Prix zou rijden. De eerste in Barcelona, de tweede eind augustus in Valencia.

De R28 was een duidelijke verbetering ten opzichte van 2007, maar het was van meet af aan duidelijk dat het team nog een lange weg te gaan had voor ze zich weer met de teams vooraan kon meten. Alonso had zich ondertussen geschikt in een rol in de marge. Klagen deed hij niet. Hij wist dat zijn team hard werkte om vooruitgang te boeken en had al vanaf zijn eerste dag gezegd dat men pas halverwege het seizoen weer wat mocht gaan verwachten. De critici hadden na de eerste races van 2008 ook daar hun bedenkingen over, maar er was wel degelijk een stijgende lijn. In Australië kwam het team in de kwalificatie nog tekort voor Q3, iets wat Alonso in Maleisië vervolgens wel lukte. Na een goede race haalde hij daar bovendien de vierde positie. In Bahrein herhaalde hij zijn goede kwalificatie, maar was de race problematisch.

Renault had op dat moment haar hoop al gevestigd op Barcelona. De drie weken pauze na de Grand Prix van Bahrein stelde het team in staat de eerste grote doorontwikkeling van de R28 te testen. Die bevatte behalve een nieuwe 'bridge wing' bovendien de verlengde engine cover, zoals die ook bij Red Bull Racing al werd gezien. Alonso ging er tijdens de test duidelijk snel mee. De Spanjaard was op de derde dag de snelste en zou uiteindelijk de tweede tijd van de week zetten.

In de kwalificatie van de Grand Prix van Spanje viel direct de verbeterde vorm van Renault op. Nu was het niet alleen Alonso die voor eigen publiek goed voor de dag kwam, ook Nelson Piquet deed het goed. In 1:21.347 zette Alonso in Q1 al de derde tijd, achter Räikkönen en Trulli. Piquet vocht zich in de slotseconden naar de vijfde tijd op 1,7 seconde van Räikkönen. Nog altijd een aanzienlijk verschil, maar hij was daarmee voor het moment sneller dan Robert Kubica en Heikki Kovalainen.

Het zat zoals verwacht dicht bij elkaar in de strijd om een plek bij de eerste zestien. Tussen de posities 3 tot en 13 zat minder dan 0,2 seconde. De top-16 had weinig verrassingen. Sebastian Vettel redde het net niet om Q2 te halen. De Toro Rosso had problemen en een kleine fout in sector 2 in de slotfase maakte een einde aan de kansen van de jonge Duitser.

Normaliter is het Q2 waar de grote schifting wordt gemaakt, waar de goede auto's komen bovendrijven en de verschillen weer toenemen. Dat was op zaterdagmiddag in Barcelona geenszins het geval. Ook nu kon Renault goed meekomen en leek Fernando Alonso zich zelfs met enig gemak bij de laatste tien te kunnen voegen. De Spanjaard ging vroeg naar buiten in het tweede kwartier en opende sterk in 1:20.976. Dat dat helemaal niet zo ver verwijderd was van de snelste tijden, bleek toen Lewis Hamilton er vervolgens 'slechts' 0,15 seconde onder dook. Kimi Räikkönen en Robert Kubica zetten vervolgens verdere verbeteringen, maar ook de tweevoudig wereldkampioen had nog wat in reserve. Hij sprong met een 1:20.804 naar uiteindelijk de vierde tijd. 

Achter hem was Felipe Massa na een vroege eerste poging teruggevallen tot buiten de top-10 en de Braziliaan moest in de slotminuten vol aan de bak om zich te herstellen. Hij deed het nagenoeg foutloos en legde de lat in de sessie met minimale brandstofhoeveelheden op 1:20.584. Nelson Piquet was de laatste coureur die zich in Q3 mocht vervoegen. Voor de Braziliaan zou het de eerste top-10 kwalificatie zijn. 

In Q3 komt het, door de verkorte sessie, tegenwoordig aan op timing. Na vroege eerste stint volgen de twee laatste pogingen elkaar vaak naadloos op, waarbij een efficiënte pitstop noodzakelijk is om voor het vallen van de vlag over startfinish te gaan. Iedereen weet dat dat het moment van de waarheid is. Dan ligt de meeste rubber op de baan, is de auto voor die sessie op z'n lichtst en staat de druk er vol op. De time to beat in de laatste minuten was de 1:22.058 van Felipe Massa. Kimi Räikkönen was daar kort voor zijn laatste bandenwissel niet aan gekomen en ook de beide McLarens hadden zichtbaar moeite met het tempo van de Ferrari's. Renault ging als vanouds mee in de pitstops en hielp Alonso en Piquet in korte tijd weer naar buiten met verse banden.

Lewis Hamilton was de eerste van de top die zijn laatste rondetijd moest zetten, maar de Engelsman bleef steken op 1:22.096. Op dat moment zat Alonso in zijn snelle ronde. In sector 1 en 2 zette hij paarse tijden van respectievelijk 22.4 en 30.9, daarmee 0,2 seconde onder Massa's tijd. In sector 3 verloor hij 0,1 seconde ten opzichte van het schema van de Ferrari, maar toch was er in 1:21.904 op startfinish P1 voor Alonso. Een luid gejuich steeg op van de tribunes, maar Kimi Räikkönen, normaal niet vies van een feestje, wierp zich op als party spoiler voor de Spanjaarden door koeltjes een 1:21.813 te noteren.

Alonso miste daarmee de pole op een haar na. Hij was na afloop mans genoeg om toe te geven dat Renault de aanval had gekozen en bevestigde in bedekte termen dat de brandstofhoeveelheid in de Renault aanzienlijk lager was dan die van Ferrari en McLaren, maar niettemin was hij meer dan tevreden over zijn plek op de eerste startrij. Voor hem, zijn team en zijn vele fans op de tribunes was het een  opsteker die betekende dat hij op zondag in ieder geval in de beginfase mee zou kunnen komen met de teams vooraan. 

 

 

  De blijdschap in de Renault-pit op het moment dat Alonso met de snelste tijd over startfinish gaat.

 

 

  Felipe Massa voerde Q1 aan, maar kon die lijn in Q2 en 3 niet doortrekken. 

 

 

Alonso profiteerde van de verbeterde balans van de R28.

 

 

Räikkönen ging als enige onder de tijd van de Spanjaard door en pakte zijn eerste pole van het jaar.

 

 

De top-3 kon tevreden zijn over het behaalde resultaat.

    

   KWALIFICATIE      

 

 

  Zaterdag 26 april  [14:00-15:00]

       
 

Baantemp. 38 'C        
Luchttemp. 23 'C
 

  

             
     Coureur Leg 1     Coureur Leg 2     Coureur Leg 3
  1 Kimi Räkkönen

1:20.701

  1 Felipe Massa

1:20.584

  1 Kimi Räkkönen

1:21.813

Ferrari Ferrari Ferrari
  2 Jarno Trulli 1:21.158   2 Robert Kubica 1:20.597   2 Fernando Alonso 1:21.904
Toyota BMW Sauber Renault
  3 Fernando Alonso 1:21.347   3 Kimi Räkkönen 1:20.784   3 Felipe Massa 1:22.058
Renault Ferrari Ferrari
  4 Lewis Hamilton 1:21.366   4 Fernando Alonso 1:20.804   4 Robert Kubica 1:22.065
McLaren Mercedes Renault BMW Sauber
  5 Nelson Piquet Jr 1:21.409   5 Nick Heidfeld 1:20.815   5 Lewis Hamilton 1:22.096
Renault BMW Sauber McLaren Mercedes
  6 Robert Kubica 1:21.423   6 Heikki Kovalainen 1:20.817   6 Heikki Kovalainen 1:22.231
BMW Sauber McLaren Mercedes McLaren Mercedes
  7 Timo Glock 1:21.427   7 Lewis Hamilton 1:20.825   7 Mark Webber 1:22.429
Toyota McLaren Mercedes Red Bull Renault
  8 Heikki Kovalainen 1:21.430   8 Nelson Piquet Jr 1:20.894   8 Jarno Trulli 1:22.529
McLaren Mercedes Renault Toyota
  9 Nick Heidfeld 1:21.466   9 Jarno Trulli 1:20.907   9 Nick Heidfeld 1:22.542
BMW Sauber Toyota BMW Sauber
  10 Nico Rosberg 1:21.472   10 Mark Webber 1:20.984   10 Nelson Piquet Jr 1:22.699
Williams Toyota Red Bull Renault Renault
  11 Mark Webber 1:21.494   11 Rubens Barrichello 1:21.049        
Red Bull Renault Honda
  12 Felipe Massa 1:21.528   12 Kazuki Nakajima 1:21.117        
Ferrari Williams Toyota
  13 Sébastien Bourdais 1:21.540   13 Jenson Button 1:21.211        
Toro Rosso Ferrari Honda
  14 Rubens Barrichello 1:21.548   14 Timo Glock 1:21.230        
Honda Toyota
  15 Kazuki Nakajima 1:21.690   15 Nico Rosberg 1:21.349        
Williams Toyota Williams Toyota
  16 Jenson Button 1:21.757   16 Sébastien Bourdais 1:21.724        
Honda Toro Rosso Ferrari
  17 David Coulthard 1:21.810                
Red Bull Renault
  18 Sebastian Vettel 1:22.108                
Toro Rosso Ferrari
  19 Giancarlo Fisichella 1:22.516                
Force India Ferrari
  20 Adrian Sutil 1:23.224                
Force India Ferrari
  21 Anthony Davidson 1:23.318                
Super Aguri Honda
  22 Takuma Sato 1:23.496                
Super Aguri Honda

 

   SAMENGEVOEGD RESULTAAT

  Coureur Leg 1 Leg 2 Leg 3  
  1 Kimi Räkkönen

1:20.701

1:20.784

1:21.813

Ferrari
  2 Fernando Alonso 1:21.347 1:20.804 1:21.904
Renault
  3 Felipe Massa 1:21.528 1:20.584 1:22.058
Ferrari
  4 Robert Kubica 1:21.423 1:20.597 1:22.065
BMW Sauber
  5 Lewis Hamilton 1:21.366 1:20.825 1:22.096
McLaren Mercedes
  6 Heikki Kovalainen 1:21.430 1:20.817 1:22.231
McLaren Mercedes
  7 Mark Webber