Home » Specials » Review: Superswede – een film over Ronnie Peterson

Review: Superswede – een film over Ronnie Peterson

Op 11 september is het precies 40 jaar geleden dat Ronnie Peterson overleed aan de gevolgen van zijn zware crash in de Grand Prix van Italië. De Formule 1 had door de jaren heen al heel wat gruwelen doorstaan, maar de dood van Peterson, die alom wordt gezien als de snelste coureur van de jaren ’70, greep aan als zelden tevoren.

Henrik Jansson-Schweitzer maakte samen met Peterson’s dochter Nina Kennedy ter ere van een van de grootste Zweedse sporthelden een bijzondere documentaire. F1-Planet.com’s Stefan Zwinkels zag: Superswede.

Het is maar zelden zo dat een sportheld zo onomstreden en alom gerespecteerd is als Ronnie Peterson was. Heldendom in sport stelt bijna per definitie extremen. Aanhangers vereren de succesvolle atleet, maar evengoed staat het succes van de een dat van een ander in de weg, wat, versterkt door karakters, kan leiden tot antipathie bij de supporters van concurrenten. We zagen het in de afgelopen week als nergens tevoren in Monza, waar Lewis Hamilton door zijn fans werd bewonderd om een onwaarschijnlijke overwinning, maar door de meerderheid van tifosi minder werd gewaardeerd en dat maakten zij helaas maar al te duidelijk. Slechts heel weinige weten door hun karakter te verbinden in plaats van te polariseren. Ronnie Peterson was zo iemand.

Peterson was succesvol en werd alom zelfs gezien als de snelste coureur van zijn generatie. Maar hoewel hij supersnel was en met het juiste materiaal iedereen kon verslaan, had hij geen vijanden in het paddock. Peterson was op de baan een echte killer, maar ernaast voor velen een nuchtere, ontspannen en open collega, die niets dan sympathie oogstte. Zijn plotselinge dood, daags na de Grand Prix van Italië van 1978, verbijsterde de sport compleet. Iedereen, zijn grootste concurrenten van destijds incluis, zijn 40 jaar na dato nog steeds vol lof over hem.

Dat respect vormt de intrigerende basis voor de documentaire Superswede, die Henrik Jansson-Schweitzer maakte over zijn geroemde en betreurde landgenoot. In de documentaire zien we het weerzien na lange tijd van Peterson’s dochter Nina Kennedy met een aantal oude bekenden. Ze bezoekt Ronnie’s voormalige Lotus-teamgenoten Emerson Fittipaldi en Mario Andretti. Ook Jackie Stewart, Niki Lauda en John Watson herinneren zich de coureur uit Örebro en spreken vol bewondering.

Jansson-Schweitzer is met Nina Kennedy als co-producer niet over een nacht ijs gegaan. Hij is in de foto- en videoarchieven gedoken van de Zweedse publieke omroep SVT, de BBC en Brunswick, maar ook in het privéarchief dat de Petersons nalieten en verzamelde zo een ongekende rijkdom aan beeldmateriaal. Zo zien we goed geconserveerde beelden uit de begintijd van Ronnie’s carrière. De tijd waarin hij met zijn vader Bengt sleutelde aan karts, van zijn vroegste kartraces en zijn opkomst in de sport. We zien de bruiloft van Ronnie en Barbro en daarbij valt direct de aanwezigheid van Beatle George Harrison op, die via Jackie Stewart goed bevriend raakte met de Petersons. De beelden worden ondersteund door sprekende muziek uit die tijd en gecomplementeerd door prachtig, integer filmwerk van Nina’s terugkeer op Monza, de plek des onheils waar zij als klein meisje haar vader verloor, van haar bezoek aan Emerson Fittipaldi en op de Örebro Race Day waar de de auto’s waarmee Ronnie reed nog een keer werden gestart voor een meeslepende demonstratiedag in het stadje waar hij zes decennia geleden opgroeide.

In de film wordt, aan de hand van de soms unieke en niet eerder vertoonde beelden en tal van anekdotes van zijn collega-coureurs het gouden tijdperk van de autosport tastbaar. Het wordt snel duidelijk hoe hecht het kameraadschap was onder de coureurs, die zich onder aanvoering van Bernie Ecclestone als nomaden over de wereld verplaatsten in een steeds internationaler geörienteerde sport. We zien de weg naar successen, maar ook de vertwijfeling en frustraties om oncompetitieve of soms ronduit fragiele auto’s, zijn moeilijke relatie met Lotus-teambaas Colin Chapman en de gedwongen rol als tweede coureur achter Mario Andretti in 1978.

Het verhaal wordt persoonlijk door de medewerking van Ronnie’s broer Tommie. John Watson, met wie Barbro hertrouwde na de dood van Ronnie is zichtbaar geëmotioneerd als hij terugdenkt aan zijn vriend. Ronnie’s Engineer bij Lotus David Brodie geeft een uniek inzicht in zijn tijd bij Lotus, het team waar hij met een tussenpoze van 2 jaar in totaal vijf seizoenen voor uitkwam.

In anderhalf uur tijd word je als kijker op unieke wijze meegenomen door het leven van Peterson, zowel op als naast de baan en het was die verwevenheid die hem kenmerkte en die duidelijk maakt waarom Ronnie en Barbro zo geliefd waren op het paddock. Zij waren een stralend middelpunt in een snelle wereld en het is triest dat dat geluk maar zo kort heeft mogen duren. Barbro kon de dood van Ronnie maar moeilijk verwerken. Negen jaar na zijn dood pleegde zij, na al een tijd te hebben geleden aan depressies, zelfmoord.

Ondanks dat het verhaal geen happy end kent, heb je door de soms adembenemende en unieke beelden en verhalen na afloop het gevoel van dichtbij een uniek stukje autosportgeschiedenis te hebben aanschouwd en bekruipt je het gevoel hoe wreed de sport soms is: met een ander verloop van de geschiedenis zou Peterson, die vaak zijn tegenstanders de baas was in onmogelijk materiaal, zeker een, maar waarschijnlijk zelfs meerdere keren wereldkampioen zijn geworden.

De documentaire was tot op heden alleen in Zweden in de bioscoop te zien en is sindsdien alleen via Scandinavische streamingdiensten te zien geweest. De beperkte internationale aandacht voor de film is enorm te betreuren. Superswede is een autosportdocumentaire die met zoveel toewijding, gevoel en oog voor detail gemaakt, dat die absoluut meer aandacht verdient. Gelukkig is de film inmiddels ook uitgebracht op DVD en dan ook niet anders dan heel warm aan te bevelen. SZ

 

Bekijk hier de trailer van Superswede.

F1-Planet.com