Home » Actueel » Verstappen: “De auto kwam steeds meer tot leven”

Verstappen: “De auto kwam steeds meer tot leven”

Max Verstappen heeft na afloop van de Grand Prix van Oostenrijk gezegd dat zijn auto in het tweede deel van de race steeds meer tot leven kwam, wat hem in staat stelde tot zijn  inhaaljacht en de opkomst tot aan de leiding van de race vanaf de zevende plaats na de start.

De start van de race was lastig voor Verstappen. Hij verloor vijf plaatsen en viel terug tot achter Lando Norris.

“Bij de start schoot de anti-stall erin. Dat heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat de koppeling wat te agressief afgesteld stond. Ondanks een flatspot, die ik tijdens de eerste ronde opliep, bleven we tijdens onze eerste stint vrij lang buiten. Na de pitstop was de snelheid geweldig. We hielden de banden goed in de gaten en gingen één voor één aan de auto’s voor ons voorbij. De auto kwam echt tot leven.”

Hij kon niet precies aangeven wanneer hij besefte dat hij de race kon winnen.

“Dat is moeilijk te zeggen, maar toen we voorbij Valtteri waren, wist ik dat we met deze snelheid een poging konden wagen. Je weet het uiteindelijk nooit, maar we bleven pushen. Ik was dan ook erg blij dat het met nog een paar ronden te gaan lukte.” Het weekend is Oostenrijk is volgens Max dan ook meer dan geslaagd: “We hebben het hele weekend goed gewerkt. De updates die we hadden meegebracht werkten ook goed, dus daarvoor wil ik het team bedanken. Hetzelfde geldt voor Honda. Het is in het verleden niet makkelijk voor ze geweest, maar vandaag was het fantastisch. Ik ben daarom ook erg blij voor ze.”

Verstappen was na het behalen van zijn zesde F1-overwinning met name ook blij voor Honda, dat er belangrijke bevestiging uit kan afleiden dat ze op de goede weg is.

“Ik denk dat het erg belangrijk voor ons en Honda is, ook wat betreft de toekomst. Ik ben gewoon erg blij dat het vandaag gelukt is. Het geeft de jongens ook veel vertrouwen en neemt waarschijnlijk ook wat twijfel weg. Het is op het moment gewoon een geweldig team.”

Max wilde, op dat moment nog niet 100% zeker van de overwinning, niet te veel woorden vuil maken aan het incident met Leclerc.

Ik denk dat ik bij de tweede wat dieper remde in de bocht. We hadden natuurlijk een heel klein beetje contact, vanuit het midden tot de uitgang van de bocht.”

“Van mijn kant denk ik dat het racen is. We weten allemaal dat er een top op de bocht ligt, dus als je die top verkeert neemt, kom je op een gegeven moment ruimte tekort, zeker omdat  je ook een beetje rechtdoor gaat daar.”

“Maar het is hard racen. Het is beter dan elkaar alleen maar volgen en een saaie race te hebben.”

Tijdens de race was er in ronde 53 één moment waarop hij het team informeerde dat hij plotseling motorvermogen begon te verliezen. Dat was met een paar aanpassingen aan de instellingen snel opgelost.

“Toen ik dichter bij Valtteri kwam, verloor ik plotseling vermogen. Gelukkig was er na enkele veranderingen op het stuur niets meer aan de hand.”

Na afloop was hij trots op de enorme steun die hij kreeg van de duizenden Nederlandse fans naast de baan die uit hun dak gingen toen hij als winnaar werd afgevlagd.

“Ik kon zien dat ze aan het juichen waren en me aanmoedigden. Vooral tijdens de uitloopronde zag je iedereen uit zijn dak gaan. Het geeft je bij het ingaan van zo’n zondag gewoon veel positieve energie. Natuurlijk was ik na de start teleurgesteld, maar we gaven niet op. Het is dan ook geweldig dat we zo terug konden komen.”

F1-Planet.com